Temperatuur controle - Hageling-Bio

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Temperatuur controle

Keldertechniek > Verwerking > SK

Door een automatische temperatuurssturing kan men het volgende beïnvloeden:

  • De gewenste temperatuur tijdens De gisting.

  • Wijnsteenstabilisering uitvoeren.

  • Temperatuurregeling tijdens bewaring.


Hoe kan men koelen of verwarmen:

  • Dubbele mantel van de tanks:

 
  • Warmtewisselaars inbouwen in de tanks:

 
  • Overvloeien van de tank wand:

 
  • Dubbele boden met verwarmingselementen:

 

Sturing en controle van de temperatuur:

Digitale thermometer DT5

 

Temperatuurregelaar SPR8

 

Software: System SCADA/SPR8 - Bied de mogelijkheid een net uit te bouwen met temperatuur regelaars SPR8 en centraal te laten sturen via de PC.
(Max. 99 afnemers)

 
 

Temperatuurscontrole: tijdens het gistingsproces
Het gistingsproces bevat twee fasen: een aërobe fase en een anaërobe fase. De aërobe fermentatie is belangrijk voor de vermenigvuldiging van de gist. Het roeren in de most volstaat om de vloeistof de nodige zuurstof te geven. Alcohol wordt gevormd tijdens de anaërobe fase. Fermentatie is een exotherm proces. De optimale groeitemperatuur van deze gisten ligt tussen de 18 en 20°C voor witte wijn en 25-30°C voor rode wijn. Voor wijn wordt soms een lage fermentatietemperatuur aangeraden van 8 tot 14°C om de frisheid en de fruitigheid van de wijn te bewaren. Nochtans zorgen wijnen gefermenteerd bij een temperatuur van 18°C niet voor een significant aromaverlies omdat de voorbehandeling van de most en de selectie van de giststam een veel belangrijkere invloed hebben op het aroma. Bij lage temperaturen kan de fermentatie zeer traag verlopen of zelfs niet plaatsvinden. Bij temperaturen hoger dan 20°C zal de gist meer hogere alcoholen produceren. Een constante temperatuur tijdens de fermentatie is even belangrijk. Dagelijks fluctuerende kamertemperaturen kunnen het fermentatievermogen van de gisten vernielen. Met behulp van een watermantel over de gisttank, wordt de warmte dat tijdens de fermentatie geproduceerd wordt, afgevoerd.
Een waterslot dient om de gistende massa van de lucht af te sluiten. Het koolzuurgas gedurende de gisting ontwikkeld, kan via het waterslot vrij naar buiten. Op die wijze is de gistende en de rijpende wijn veilig voor alle invloeden van buiten uit zoals insecten en allerhande micro-organismen uit de lucht.
Indien men een bepaald gehalte aan restsuiker wilt bekomen, is het mogelijk de fermentatie te doen stoppen door het geheel gedurende 6 tot 8 uren te koelen bij een temperatuur van 4 tot 6°C. Om wijnsteen (kaliumwaterstoftartraat) te stabiliseren, wordt 3 tot 4 dagen gekoeld bij een temperatuur van 0 tot 2°C.



 
 
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu